Mijn naam is Leon, ik ben 28 jaar en woon op het moment in Amsterdam. Ik zou mezelf omschrijven als enthousiast, sportief en ondernemend. Van jongs af aan ben ik heel veel bezig geweest met de paardensport. Dat heeft in mijn leven eigenlijk altijd wel op nummer één gestaan. Daarnaast ben ik Applied Earth Sciences en Offshore Engineering gaan studeren aan de TU Delft. Ik stond volop in het leven: ik was aan het paardrijden op het hoogste nationale en ook internationale niveau, ik studeerde, had overal vrienden en was altijd in de weer.
Totdat op 2 februari 2022 alles in één klap veranderde. Ik was aan het skiën met vrienden in Andorra en kwam in het funpark ten val. Het was een klap, maar zeker niet de hardste val die ik ooit gemaakt heb tijdens het skiën. Uiteraard deed het heel veel pijn, maar ik had op dat moment nog wel het idee dat het allemaal mee zou vallen. Ik had verwacht dat ze een werveltje recht zouden zetten, en dat ik dan mijn benen wel weer kon voelen en bewegen.
Op het moment van de val had ik geen rugbeschermer aan. Ik had daar ook nog niet zo vaak van gehoord en dacht eigenlijk dat dat vooral iets was voor de echt grote stuntskiërs. Niemand in mijn omgeving droeg er een. Ik vergelijk het een beetje met de opkomst van de skihelm: iets wat vroeger niet vanzelfsprekend was, is nu niet weg te denken van de piste.
‘’Inmiddels skiet iedereen in mijn omgeving, helemaal als ze mijn verhaal hebben gehoord, met een rugbeschermer.’’
Ik werd met een helikopter van de piste afgehaald en in het ziekenhuis werd al vrij snel duidelijk dat het er heel slecht uitzag. Ze hebben me vanuit Andorra overgevlogen naar Barcelona en daar ben ik geopereerd. Gelukkig is mijn vader dezelfde dag nog overgekomen naar Barcelona, hij was daar dezelfde avond al, dat gaf mij veel steun. Na de operatie ben ik binnen een week begonnen met revalideren en dat was natuurlijk een zware periode. Alles wat ik daarvoor deed, kon ik niet meer.
‘’Ik kon niet meer lopen, ik zat in een rolstoel. Ik kon mijn bovenbenen langzaamaan wel weer wat bewegen, maar ik was al mijn vrijheid mobiliteit en mijn zelfstandigheid kwijt.’’
Gelukkig heb ik zo snel mogelijk de knop om weten te zetten en tegen mezelf gezegd: “ik heb niet helemaal in de hand hoe ik ga herstellen, maar ik kan de omstandigheden wel zo optimaal mogelijk maken. Als ik ervoor zorg dat ik veel sport en gezond leef, dan kan ik niet anders dan trots zijn op mezelf.” Dat gaf mij elke dag weer de kracht om er vol voor te gaan.
Het revalideren gebeurde zowel in de revalidatiekliniek als thuis. Zoals ik al eerder zei, ben ik sportief ingesteld en onderneem ik graag nieuwe dingen. Dus ik ging zo snel mogelijk weer met vrienden de deur uit. In het dagelijks leven kwam ik genoeg revalidatiemogelijkheden tegen en dat ging natuurlijk met vallen en opstaan, letterlijk.
Over een dwarslaesie bestaan denk ik wel wat misverstanden.
“Als ik zeg dat ik een dwarslaesie, of een incomplete dwarslaesie, heb, dan zeggen mensen: oh, maar je kan wel staan. Dan leg ik altijd uit dat sommige spieren in mijn been het wel en sommige spieren het niet doen.’’
Op dit moment gaat mijn leven eigenlijk hartstikke goed. Ik heb een superleuke vriendin, ik heb een goede baan, ik kan veel sporten (en skiën) en ga graag naar buiten. Ondanks het feit dat het grootste gedeelte van mijn benen niet werkt, heb ik redelijk mijn draai weten te vinden.
‘’Zoals ik loop, de sporten die ik nu onderneem en de bergen die ik beklim: dat is eigenlijk veel meer dan zou moeten kunnen. Maar waar een wil is, is een weg.’’
Ik ga nog altijd graag nieuwe uitdagingen aan en blijf mijn eigen grenzen opzoeken. Al vrij snel na mijn ongeluk begon dat weer. Binnen twee maanden hees ik mezelf voor het eerst weer op een paard en na een jaar reed ik alweer mijn eerste oefenwedstrijd, weliswaar op een lager niveau.
Acht maanden na mijn ski ongeluk stond ik weer voor het eerst (wankel) op de ski's, het was mentaal en fysiek superzwaar, maar ook euforisch: ik kon mezelf bewijzen dat ik het nog kon. In de twee jaren die volgden boekte ik gestage progressie en ging ik een nieuwe uitdaging aan.
Ik beklom de Kilimanjaro, op krukken! Een vrijstaande berg van 5895m hoog in Tanzania. Het was een geweldig avontuur, Waar je misschien zou verwachten dat het steeds zwaarder werd naarmate we hoger kwamen, ging het bij mij juist steeds beter, mijn opgebouwde conditie zorgde ervoor dat ik op grote hoogte goed door kon blijven stappen. Toen ik boven op de berg aankwam had ik wel echt een besefmoment:
“Een paar jaar geleden had ik nooit durven hopen dat ik met een half verlamd onderlichaam op eigen kracht boven zou komen, ik mocht best trots zijn op wat ik bereikt had”.
Hierna volgde 2 maanden gevuld met avontuur door meerdere landen in Oost-Afrika, kamperen tussen de wilde dieren, connecten met de lokale mensen en genieten van de waanzinnige uitzichten op de meest afgelegen locaties, Het zijn precies die ervaringen waar ik zo van houd en die mij het gevoel van vrijheid geven dat ik na mijn ongeluk zo heb gemist.
Toch ben ik me er wel heel erg van bewust dat ik nu jong en fit ben, maar dat mijn lichaam over 20, 30 jaar niet meer de fitte versie is die het nu is. Mede daarom hoop ik dat genezing snel mogelijk wordt. Dat mensen met een dwarslaesie gewoon weer rond kunnen rennen en springen. Daarvoor is het heel belangrijk dat er meer onderzoek wordt gedaan! Tegelijkertijd vind ik het minstens zo belangrijk om te laten zien wat er ook nu al mogelijk is met een dwarslaesie, en mensen te stimuleren om zo veel mogelijk uit hun leven te halen.
Daar zal ik mij dan ook de komende jaren voor blijven inzetten. Met de beklimming van de Kilimanjaro haalde ik in een paar weken meer dan €15.000 op voor onderzoek naar ruggenmergletsel. Jaarlijks zwem ik (zo snel mogelijk) mee met de Rapenburg Race, met hetzelfde doel. Daarnaast deel ik graag mijn verhaal, in de hoop anderen te inspireren om hun eigen grenzen op te zoeken en nieuwe mogelijkheden te (her)ontdekken. En wie weet kom ik komend jaar weer met een nieuwe (sportieve) actie voor Wings for Life!